Vijf leuke uitstapjes

Op zoek naar een leuke dag-uit met je kinderen of met jezelf? Aan inspiratie vast geen gebrek op websites allerhande. Check je ook eens de website van de Gezinsbond? Altijd leuke tips.

Ik post even mijn favorieten van het voorbije jaar.

  1. Het kindermuseum in Elsene. Een kindermuseum is een wereldwijd netwerk dat kinderen op een intuïtieve manier zaken bijleert over de Grote Wereld. Op dat moment liep de tentoonstelling rond Gevoelens. Denk: uitproberen en overal aanzitten. Denk niet: Technopolis: meestal zijn de zaken gericht op de wereld, nationaliteiten, samenleven en gevoelens. Pik ondertussen ook eens de buurt mee: beetje yuppie maar mooi en klein met leuke, lokale winkeltjes en bars.Kindermuseum Elsene
  2. Trainworld: in Schaarbeek en natuurlijk ga je daarheen per trein. Ideaal voor een regendag en voor kinderen met interesse in voertuigen en verkeer. Heel leuk, al vond ik de toegevoegde waarde van de Lego-experience nogal overroepen. Onze kinderen vonden het een super dagje. Reken wel dat je langer dan een halve dag nodig hebt om het museum rond te gaan, zelfs als je er sneller overgaat dan de eerste beste NMBS-adept.
  3. Red Star line museum in Antwerpen. Had ik al aangekondigd een tijdje terug. Echte topper en bij ons ook in te kaderen rond de reis deze zomer: we gaan richting Amerikaanse Oostkust dus zullen dan zien waar al die “gelukzoekers” die hier vertrokken, daar aankwamen. Altijd goed om hen te motiveren als we daar Ellis Island bezoeken. Best wel pas te doen vanaf het eerste leerjaar en lekker educatief door te trekken rond actua themata zoals migratie vandaag.
  4. Het huis van Alijn. Toppertje in centrum Gent. Een soort Bokrijk maar dan binnen: mooie verzameling van volksgeschiedenis in de 20ste eeuw en leuk om kinderen te tonen hoe hun (over-)grootouders leefden, woonden en werkten. Je hebt daar af en toe speciale (Vlieg)rondleidingen die de moeite waard blijven. Bovendien gericht op heel inclusief onderwijs: slecht-ziende en slecht-horende mensen krijgen heel veel extraatjes qua beleving en ook voor autistische bezoekers is er een speciaal traject. Een kleine variant hierop is trouwens te vinden in het René Declercq museum in Deerlijk. En voor je vraagt waar dat ligt: Niel Destadsbader is dus vandaar, he, mensen.
  5. Het park dichtbij je huis. Meer en meer apprecieer ik om met de kinderen thuis onder mijn kerktoren te blijven. Beginnen ze zich wat te vervelen, dan is er wellicht een park dichtbij jou met een glijbaan. Hen leren dat ze “gewoon thuis” ook dienen te appreciëren.

Ben je op vakantie in Europa? Dan lijst ik even onze toppers verder weg voor je op.

  1. Giverny, het dorp van Monet tussen Parijs en Normandië.
  2. Nemo in Amsterdam.
  3. Legoland, het originele dan wel 🙂 in Denemarken
  4. Het Ikea museum in Zuid-Zweden: topper voor Ikea-lovers of designliefhebbers: het mag dan misschien geen trend-setter maar een trendvolger zijn: je kan er niet omheen dat Ingvar Kamprad de meubelsector voor altijd veranderde.
  5. Het automobielmuseum in Turijn: alleen al voor de lopende band waar je het productieproces van een wagen kunt volgen.

En ook: de vele picknickplekjes die je gewoon zelf vindt. Als je even kijkt. Geniet! en deel gerust enkele tips.

 

  1. parkje

Lichtstad met een kleuter

Wanneer je favoriete nichtje in het hartje van een Hollandse grootstad woont en je zelf meer vakantiedagen hebt dan je echtgenoot, ligt het voor de hand dat je eens een moeder-dochter uitstap plant richting die mooie stad. Vorig jaar kaderde ik dit in als een “afscheid van een kleuterdochter” einde augustus.

Toen onze jongste dit jaar, in zijn laatste kleuter, regelmatig sprak over de Eiffeltoren en dat hij die eens wou zien (waar ligt die dan wel, kleine man? In Parijs, he, mama, in Frankrijk, weet je dat niet?) ging ik overstag. Een afscheid van de kleuterzoon, gelijk voor elk, was de redenering.

Ik boekte dus een heen&terugticket met de TGV op een lesvrije dag. Zonder overnachting weliswaar, want daar zijn er geen gratis logies voor ons en bovendien staat in de zomer onze eerste “grote reis” gebudgetteerd.

We wonen echter op een steenworp van Rijsel dus is Parijs best wel dichtbij: van deur tot deur anderhalf uur enkel. We stapten de “supersnelle trein” op om 9u15 en waren een uurtje later in de lichtstad.

unnamed (4)

Eerst richting Eiffeltoren. Ik had, gezien we maar één dag in de stad vertoefden, een kleine voorbereiding gedaan en besloten om de metro op te gaan met een dagpas. Twee lijnen verder stapten we uit aan Trocadero en wandelden we richting Eiffeltoren. Na uitvoerig onder en rond de Eiffeltoren gewandeld te hebben, doken we de metro in aan de Militaire school. Toen ik immers vier weken op voorhand gezocht had om tickets voor de Eiffeltoren te bestellen, bleek deze uitverkocht. Tenzij ik 150 euro per persoon (!) betaalde. Dus een leugentje om bestwil later (enkel mensen van Frankrijk zelf kunnen die toren op, jongen) kwamen we bij Notre Dame weer boven. Helaas konden we niet dichtbij en de jongste snapte vast niet wat het effect was van het zicht op de half afgebrande kerk op de toeristen. We aten in een Italiaans restaurantje vlakbij want ondanks de drie tussendoortjes, knorde zijn maag alweer.

unnamed (5)

De derde topper die ik geselecteerd had, was de Sacré Coeur met Montmartre.  We stapten eerst samen op de nostalgische paardenmolen en hielden dan pauze op het mini-speelplein. Daarna namen we de funiculare naar boven, naar de kerk. Er vertrok net een toeristentreintje toen we aan de voet van de Sacré Coeur kwamen. Iets waar ik voor ik kinderen had, altijd smalend op neerkeek maar wat ik nu wel meer en meer apprecieer. Inmiddels hadden we immers al heel wat kilometers in onze benen. Na het ritje door Montmartre, inclusief de “kijk, mama, wat is die grote rode molen”, dwaalden we rond de witte kerk vooraleer een laatste keer de metro in te duiken. Een ijsje later gingen we de TGV op.

Onze jongste man, nooit de grootste stapper geweest, had toch mooi meegewandeld, zonder zeuren en genietend van de onverdeelde aandacht. Zo’n momenten zijn goud waard voor hen en voor jezelf. En jij, wat doe jij van uitstapjes?unnamed

Het land rond per openbaar vervoer

Als ik vertel dat ik voor mijn job vaak in alle uithoeken van het land dien te zijn en dit doe met het openbaar vervoer, wordt er wel eens gevraagd of ik dan een Netkaart aanhoud (dit is een abonnement van de NMBS voor het hele land). De meerprijs echter ten opzichte van mijn gewone werkabonnement is te zwaar om zelf te betalen, dus nee, ik heb enkel “Nest-Brussel” als abonnement. Dit wordt voor 2/3 terugbetaald door mijn werkgever. Voordeel is hier dat Gent op dit traject ligt, dit komt me soms van pas voor privé uitstapjes.

Maar hoe doe ik het dan wel?

Naast mijn gewone abonnement, heb ik nog vele kaarten op zak. Deze zorgen ervoor dat het betaalbaar is, ook voor mijn werkgever. Bovendien leerde ik al enkele trucjes: als je bijvoorbeeld naar het buitenland reist per trein, neem dan je kaartje vanaf het laatste station waar je in België heen kunt met je meerpassenkaart: scheelt een pak in de prijs. Zo ging ik naar Breda voor slechts 16 euro in plaats van 35.

  1. Mijn railpass: tien ritten, binnen het jaar binnen België te gebruiken. De go-pass voor oudere mensen dus 🙂unnamed (1)
  2. Mijn key-card: niet zo erg gekend maar wel handig: een rail-pass voor korte ritten, denk dus: de twee volgende stations doorgaans. Niet op naam en niet gebonden aan een startstation.
  3. Mijn tien-rittenkaart van de Lijn: tot voor kort op papier, nu via de app. Heel praktisch.
  4. En dan hetzelfde voor de TEC, dit zijn de bussen in het zuiden van het land, voor als ik in Luik of Namen moet zijn. En geef toe: het station van Luik is zo’n architecturale parel, altijd weer een genot voor het oog.unnamed (2)
  5. En als laatste dan nog de kaart van de MIVB, voor de Brusselse metro en tram.

Zoals je wel zult begrijpen: die splitsing van het openbaar vervoer en de veelheid aan passen is voor mij een ergernis maar ik begin het onder de knie te krijgen.

Tenslotte gebruik ik ook Über, voor de langere afstanden, en Jump, de deelfietsenservice van Über. En wat ook nog helpt: een tien-beurtenkaart voor de parking van Gent-Sint-Pieters. Gent is immers als station beter verbonden: vanuit het “binnenland” dubbel zoveel treinen omdat zowel die naar de kust als die van de Westhoek langs Gent rijden. Dus dan scheelt het soms wel eens in reistijd als ik me daar parkeer.

En tenslotte: mijn fietshelm, die gaat ook overal mee.

En jij, hoe regel jij je mobiliteit?

 

fietshelm.jpg

Hoe doen jullie dat?

Als je met twee fulltime, of soms meer dan fulltime, aan de slag bent, met ouders die te ver of te actief zijn om in te schakelen, is de combinatie met de kinderen vaak een puzzel van 10 000 stukjes. We zien dit rondom ons bij vrienden, in de media, op Instagram en bij onszelf.

Mensen vragen ons vaak hoe wij het doen. Net zoals bij het schuldgevoel (zie vorige post), zijn mensen vaak geneigd enkel het mooie te zien bij de ander en de chaos bij zichzelf.

Ze zien twee kinderen die proper gekleed op het familiefeest verschijnen maar hebben geen oog voor mijn verdoezelde wallen. Ze zien een proper opgeruimd huis maar de deur naar de ontplofte wasplaats blijft hermetisch afgesloten.

Toch lijk ik te moeten vaststellen, zonder te willen zeggen dat het hier altijd op wieltjes loopt, dat we een goed team vormen.

Daarom, drie tips die de basis vormen van onze huishoudorganisatie.

  1. Kiezen

Als mijn echtgenoot me soms niet zou tegenhouden, zou ik alles volplannen en steeds meer hooi op mijn vork nemen. Het leven is kiezen, zeggen we dus vaak. Liever enkele dingen goed dan heel veel middelmatig.

Als we onze weekends dicht zien slibben met uitnodigingen en activiteiten, gaan we moedwillig enkele weekenddagen blokkeren. Onze kinderen mogen helaas geen vijf fancy buitenschoolse activiteiten kiezen omdat we de onmogelijke starturen (half vijf op dinsdag, wie haalt dat?) en vele taxiritjes willen vermijden. Voor balsport houden we dus nog even de boot af omdat dit volgens ons een aanslag is op je vrije tijd. Gelukkig denken onze kinderen niet dat ze de volgende Messi zijn. En we hebben binnen 1 km rondom ons huis dertig mogelijkheden om buitenschoolse activiteiten te kiezen, dan moeten ze niet net dat ene kiezen die in de volgende stad ligt.

In het weekend genieten we van gewoon thuis zijn en de kinderen te laten vrij spelen. Ik ben er trouwens van overtuigd dat ze hier ook veel deugd van hebben. Van vervelen, kan je leren, is ons devies (naast: van proberen kan je leren).

Zelf beseffen we dat we niet continu én een droomkoppel én een keukenkoning(in) én blitse ouders én werknemers van de maand kunnen zijn. En ja, ook voor ons worden de “buitenschoolse” activiteiten zwaar ingeperkt.

  1. Vooruitplannen

Mensen zeggen vaak dat wij “zo georganiseerd” zijn. Dan denk ik: “tja, het kan ook niet anders”. Als we in de week nauwelijks iets kunnen doen en alles, van administratie tot zwemles, in het weekend dient te gebeuren, tot het legen van de brievenbus toe, dan heb je geen keuze dan te plannen.

Zo vliegen er op zondag vijf broden de diepvries in en worden ’s avonds al kleertjes voor iedereen klaargelegd. Bo’kes worden gesmeerd voor de opvang en met mijn breakfast2go in de koelkast geplaatst. De tafel staat gedekt.

Op ochtenden dat ik de late trein neem (dus om half zeven op de fiets stap), ben ik 32 minuten wakker in huis en daarvan is meer dan de helft het klaarzetten voor de kindjes en hen aansporen zich aan te kleden. Zodat mijn echtgenoot, die beneden komt op het moment dat ik vertrek, de ochtendshift kan overnemen.

De grootste tijdwinner in de week zit hem in het voor-koken. Om onszelf een gezonde huisbereide maaltijd te geven in de week, wordt alles voorbereid in het weekend. Opwarmkost maar dan vers. Dat vraagt misschien wat meer uitleg in een volgende blogpost.

  1. Tijd maken – bewust leven

Maar door dat voor-koken komen we ook bij onze derde sterkte. We maken tijd voor elkaar. Als we beide thuis zijn, gaan hier heel bewust ten laatste om half negen alle schermen en huisklusjes in slaapstand.  De enige uitzondering zijn het strijkijzer en de televisie. Dan kijken we samen een goede serie (scandi-crimi’s!) of een opgenomen film. Of gewoon eens “met het mes op tafel”, om onze kennis bij te spijkeren. Als mijn echtgenoot in het buitenland zit of in een veel te lange vergadering tot na 21u, werk ik wel eens door en soms is er wel eens een deadline te halen maar over het algemeen delen we de avond samen. Een glas wijn en een boek doen het ook goed of een gezelschapsspel.

Onze kinderen gaan nooit elders logeren maar één keer per maand hebben we een babysit en gaan we iets kleins eten waarna we een toneelvoorstelling meepikken. In het weekend zijn smartphones meestal in de garage verscholen en genieten we van het gezin. We doen samen veel culturele uitstapjes op een vertraagde manier.

We zijn misschien minder bij de kinderen dan andere gezinnen soms maar die momenten dat we dan samenzijn, zijn we ook echt wel samen.

 

En bij jullie, wat is jullie geheim?

 

sta.png

Over ouder worden en zo

Kinderen krijgen is anno de 21e eeuw een vrije keuze geworden, althans in onze Westerse cultuur. Toen mijn man en ik een huis kochten en in het traditionele huwelijksbootje traden (je kan de man uit W-Vl halen maar niet W-Vl uit de man), waren kinderen een evidentie. De vraag was niet of, maar wanneer.

Het verliep beide keren vlot en snel, wat op vandaag al niet altijd meer een evidentie is. Ik ben ook blij dat ik beide kinderen kreeg voor mijn dertigste, al was het maar omdat ik besef dat, wanneer ik 40 word, de kinderen al alleen zullen kunnen thuis blijven als we de gekheid hebben om nog een stapje te zetten.

Waar andere mama’s soms hun frustratie uiten dat na de eerste baby (te) snel de vraag komt wanneer het tweede komt, was ik die vraag al voor. Mijn test kleurde positief op de eerste verjaardag van het eerste.

Na twee komt in onze vrienden- en familiekring vaak drie. Dus wordt al eens de vraag gesteld en zelf houd ik die vraag meer onbeantwoord dan mijn echtgenoot, die fermer nee zal zeggen.

Hoe neem je afscheid van dat tijdperk? We hebben twee gezonde kinderen. Ons leven is soms een sneltrein, met niet altijd evidente vragen van de werkgever. Ons levensdevies is “beter kwaliteit dan kwantiteit”. Dus dan moeten we daar consequent in zijn, toch? Ik voel dat het nu soms net niet té is: de kinderen, het huishouden, de job.

En toch.

Durven die vruchtbaarheid doorknippen (no pun intended) is toch een serieuze stap. Mensen komen vaak aandraven met allerlei praktische argumenten maar uiteindelijk dienen we met ons gevoel te kiezen.

Kijk even niet naar de te kleine gezinswagen en de op te offeren extra ruimte in huis. Denk niet aan de hotelkamers die maximaal gemaakt zijn voor 2+2. Vergeet de studiekosten voor later.

En toch.

Telkens zegt mijn hart dat ik echt niet gemaakt ben voor 2+3, veel meer voor 2+2.

En toch.

Dan bloedt mijn hart als ik maar één kleuter meer op de kleine speelplaats achterlaat. Als ik vaststel dat ik in de kinderwinkel niet langer de schattigste pakjes kan kopen. Als ik op Facebook niet langer Hartjes maar enkel Thumbs up krijg bij foto’s van onze oogappels.

En toch.

Ik besef maar al te goed dat ik te weinig chaoot ben, te veel hou van orde en rust in mijn hoofd en mijn huis om voor een derde te gaan. Ik besef maar al te goed dat een derde bij mij persoonlijk er meer zou komen omdat ik geen afscheid kan nemen van het jong-zijn.

Alleen dankbaarheid als ik onze kroost op de achterbank zie zitten in de spiegel. Alleen is het zo confronterend dat de tijd tussen je vingers door glipt als zand op het strand.

Als alle eerste keren vervangen worden door laatste keren.

Wanneer berg je de babyspullen definitief weg?

En jij, wat is voor jou genoeg?

family

Niet goed genoeg

Een recente post op Instagram deed me even stilstaan bij schuldgevoel. Het is iets dat ik vaak merk bij mezelf en bij andere mama’s. Schuldig als ik iets voor mezelf wil. Schuldig als ik mijn kinderen een rijstkoek en yoghurtje meegeef als vieruurtje, want het brood is op. Schuldig als ik ze om 7u10 moet afzetten op school, omdat de echtgenoot er niet is en ik toch echt wel de trein van half acht richting Brussel wil halen.

Waar ik me schuldig voel dat op bepaalde momenten de weegschaal meer naar werk dan naar gezin overhelt, zie ik thuisblijfmama’s ook worstelen met eenzelfde schuldgevoel om andere redenen.

 

 

Het deed me drie dingen beseffen. Ofwel spreken mama’s meer hun schuldgevoel uit ofwel hebben ze er meer last van. Dat ligt misschien aan hun iets meer piekerende eigenschap? Ik merk het gevoel toch minder op bij papa’s. Bovendien realiseerde ik me dat het een wel heel Vlaams katholiek gevoel lijkt te zijn. Is het iets dat aangeleerd werd door de nonnetjes in de traditionele dorpsscholen? Voor deze twee elementen heb ik geen bewijs, het is slechts een persoonlijke reflectie.

Ten derde: er is altijd schuldgevoel, welke keuzes je als gezin ook maakt. Of je nu thuis blijft of voor een carrière gaat, of je nu hulp inschakelt of niet.

Op basis van dit laatste element, heb ik besloten om iets minder daarover te piekeren en gewoon de beide kanten van de keuzes die we als gezin maken, in ogenschouw te nemen. Ja, ik ben soms ver en lange dagen van huis weg. Ja, ik geef mijn echtgenoot soms twee keer per week dezelfde groente mee naar zijn werk. Maar ook: ja, mijn kinderen zien een mama die gelukkig is als mama en met de rollen die ze ernaast opneemt. En ja, mijn echtgenoot krijgt zelfgemaakt opwarmeten mee zodat hij gezond eet en dat we ’s avonds sneller samen in de zetel kunnen neerstrijken en tijd maken voor ons als koppel.

Bovendien besef ik ook, door recent wat onbetaald verlof op te nemen (het was hoogstnodig), dat ik enorm geniet van de kinderen maar echt wel nood heb aan nog een job ernaast. En dan is de huidige job bepaalde momenten soms eens pittig om te combineren, maar ik zou ongelukkig worden als ik enkel nog thuis onder mijn kerktoren moet blijven.

En jij, hoe ga jij om met mogelijke schuldgevoelens?guilt.png

Voordelen over niet per wagen reizen

Eerder schreef ik al over alternatief vervoer. Graag licht ik nog even toe wat de vijf voordelen zijn die verbonden zijn aan deze manieren om het land te doorkruisen.

  1. Stappenteller

Als je met de wagen tot je bestemming rijdt, waar je parkeert, dan zal je echt wel je best moeten doen om die 10 000 stappen te halen per dag. Zelf haal ik dat overigens ook niet altijd, gezien mijn job nogal van het sedentaire type is: vergaderen en computerwerk. Mijn echtgenoot doet hetzelfde type job maar gaat per wagen. Dit verschil tikt snel aan op de stappenteller. Door mijn vervoerskeuzes doe ik meer stappen per dag dan je gemiddeld zou denken met mijn type job. Alleen al het openbaar vervoer zorgt voor een flinke dosis (alsook het feit dat ik weiger te betalen voor een NMBS-parkingplaats). Daarnaast verplaats ik me overdag al eens tussen gebouwen in Brussel. Ondanks het feit dat elektrische steps als paddenstoelen uit de grond schieten, blijf ik halsstarrig dit te voet doen. Dit verzet even de gedachten, je bent er even uit (of haalt wat gemiste oproepen in) en geeft beweging.

stappen

  1. Verborgen plekjes

Als je met de wagen van A tot Z rijdt, doe je ook niet meer dan dat. Het tegenovergestelde is waar als je met alternatief vervoer reist. Je komt niet rechtstreeks aan bij je bestemming. Wisten jullie bijvoorbeeld dat er in het rustige Tienen een mooi stadspark ligt met een charmant hotel? Of dat je aan de achterzijde van Amsterdam Centraal Station een overzetboot kunt nemen over het IJ? Dat Namen een bruisend historisch stadscentrum heeft aan de voet van de citadel? En zo kan ik nog veel kleine gelukjes opnoemen. Als je dan nog eens een fijn lentezonnetje kunt meepikken, is je humeur ook meteen zonnig.

  1. Geen ivoren toren.

Ik vind het belangrijk om met beide voeten in het leven te staan en te beseffen dat er mensen zijn met andere opvattingen of die andere keuzes (moeten) maken in hun leven. Social media zorgt ervoor dat je al snel in een cocon kruipt van gelijkgestemden. In je wagen zit je in je eigen veilige omgeving die je niet meer laat zien dat er ook mensen zijn die het met minder dienen te doen. Als je met het openbaar vervoer reist, zie je soms schrijnende taferelen maar houd je ook wel je blik open op de wereld.

  1. Je leert mensen kennen

Naast het feite dat je je ogen en orde de kost kunt geven en soms leuke, vreemde taferelen ziet of kunt blijven fantaseren over relaties tussen voor jou onbekende reizigers, kan je ook gewoon mensen leren kennen.

Toegegeven, veel mensen onderweg turen gewoon naar het blauwe licht van hun smartphone of zitten met oortjes uit het raam te staren. Toch bouw je soms ook waardevolle contacten op.

Mensen die niet pendelen per trein, zullen dit niet vatten maar vaak nemen reizigers, gewoontedieren als wij zijn, en zeker zij die een langere afstand afleggen een vaste plek/coupé in een trein op altijd hetzelfde uur en dat leidt tot korte babbels die kunnen uitgroeien tot mooie vriendschappen. Zo heb ik mijn vaste treinbende waarmee ik samen pendelen en waar ik veel fijne momenten mee beleef.

Waar ik zelfs ook mijn bezorgdheden en kommer en kwel mee kan delen. Mensen waarmee je soms tot 8-10u per week mee samen zit, veroordeeld tot hetzelfde hokje, overgeleverd aan de grillen van de NMBS, het doet een band groeien.

Daarnaast, door veel per fiets aan de schoolpoort te staan, leerde ik ook al veel meer mensen kennen dan per wagen. Er is meer tijd, je bent samen buiten, je zit samen al in de regen indien je die dag geen geluk hebt, je rijdt een stukje samen en begint zo andere mama’s en papa’s te (her)kennen.

  1. Ecologie

Het laatste voordeel is een binnenkopper voor wie mij kent. Geef toe: veel meer dan de elektrische tesla’s is het echte milieuvriendelijke vervoersmiddel het openbaar vervoer, de fiets en de benenwagen.

auto

Over lente-, communie- en nog zo’n feesten

Binnenkort viert ons oudste haar groeifeest. We kozen hiervoor symbolisch de datum zeven jaar na haar geboortefeest.

Graag deel ik even enkele tips. Laat ons hopen dat de tips mij ook helpen voor een mooie herinnering aan een fijne dag.

  1. Locatie

Dit is een heel persoonlijke keuze. Niemand kan die voor jullie maken en niemand hoeft een ander te veroordelen om de keuze. In elk van beide keuzes dien je vroeg genoeg aan de voorbereidingen te beginnen, want zelfs als het thuis is, dien je er vroeg bij te zijn. Wij kozen voor een tuinfeest bij ons thuis, omdat ik persoonlijk vind dat het op die leeftijd nog een zekere charme heeft. En ook omdat ikzelf 10 jaar geleden enkel toestemde op dit vrijstaande huis met een voor mij iets te grote tuin (al dat onderhoud! Ik wilde een stadstuintje) onder de voorwaarde dat we dan tenminste één tuinfeest gingen houden.

2. Budget

Ik hoor jullie al denken. Dien je niet eerst budget te bepalen en dan locatie? Volgens mij niet. Want je kan het op locatie ook in een goedkopere formule doen en je kan thuis echt wel zot gaan. Ooit al op een trouwfeest in een tuin geweest dat tot een sprookjeshof werd omgetoverd, inclusief pinguïnmannen die de paraplu ophouden langs het pad naar de toiletten? Ik wel. Je kan dus niet zeggen dat het ene het andere uitsluit.

Bepaal met je partner het maximumbudget. Mik dan, net zoals bij (ver)bouwen naar een eerste subtotaal dat 10% lager ligt dan dat maximum. Op het einde zijn er immers altijd extra uitgaven die de teller doen tikken.

Bepaal dan met de natte vinger (of via Google) hoeveel jullie willen besteden aan de subposten en kijk of je er komt. Opnieuw, een heel persoonlijke keuze.

Welke subposten zijn er zo allemaal?

Op locatie moet je rekenen op een prijs voor het menu per volwassene en per kind, eventueel nog toe te voegen versiering, fotoshoot indien gewenst, uitnodigingen en bedankjes en dan moet het gezin nog gekleed worden.

Bij je thuis moet je daar nog aan toevoegen een eventuele vaste kost voor de traiteur, huur voor servies, bestek, glazen, tafels, stoelen, tenten, tafellinnen, springkasteel of ander amusement. Ook nog eventueel drank, personeel, en wat bloemen.

3. Stel je prioriteiten

Wil je een feest waar je zelf niets hoeft te doen? Reken dan voldoende personeel in als je het thuis doet. Let je liever op je budget? Bespaar dan op je gasten: wil je echt die oom van het zevende knoopsgat erbij? Doe alles dan zelf. Je kan een prachtige buffettafel samenstellen en zelf ok genieten van het feest.

Bovenal: zorg ervoor dat het jullie feest wordt, hoe jullie het wensen en hoe het feestbeest in kwestie het ziet. Trek je dus niets aan van de wedren naar de meest ogen uitstekende belevenissen.

Hopen jullie even mee op mooi weer op het groeifeest van onze grootste schat?lentef

Over ecologisch mobiel en zo (2)

Vorige keer gaf ik jullie hier mijn eigen ontworpen infographic mee.

Presentation2Ik licht die graag nog even toe.

1. Twee mensen-regel. Dit is een economische reden: als je met 3 volwassenen een verplaatsing moet maken, zal het meestal economischer zijn om samen te rijden. Het is echter ook ecologisch: ik vind het echt wel zotjes om alleen een grote afstand af te leggen die mogelijk is met het openbaar vervoer. Met twee wordt het limiet, met 3 is het al eens efficiënter/verdedigbaar dat je het per wagen doet. Ook met de kinderen laat ik die regel gelden: ik ga sneller per fiets en trein gaan als het enkel met één kind is dan 2. Alhoewel ik heel vaak het openbaar vervoer met beide neem ook. Het is alleen iets… pittiger. Alhoewel het deugddoend is om te zien dat onze kinderen intussen de auto niet als eerste vervoermiddel zien.

2. Het openbaar vervoer is in ons land helaas nog niet zo georganiseerd dat je voor 6u ’s ochtends of na 21u ’s avonds nog goede verbindingen hebt. Dus dat moet je wel in ogenschouw houden als je je verplaatsing gaat inplannen. Gelukkig zijn de meeste business-zaken wel gepland in de gewone kantooruren.

3. Alles heeft zijn grenzen 🙂 Ik neem graag het openbaar vervoer maar als je in een congrescentrum moet zijn dat op 3km van een enigszins frequent bediende bushalte ligt, is het balen en een carpooler zoeken geblazen. Al verbetert ook daarin stilaan ons autoverslaafd aanbod: deelfietsen en Uber kunnen alleen maar helpen om de laatste kilometers van je station naar je bestemming te overwinnen! En mijn plooifiets, maar daarover later meer.

4. Dit is gelinkt aan het vorige. Ik wil gerust twee overstappen per trein nemen en dan nog een ander type vervoer (bus, tram, taxi, …) maar als het meer dan dat wordt, moet je wellicht echt wel in het midden van de Ardense bossen of ver weg op een Limburgse mijnsite een presentatie gaan geven en bespaar je jezelf beter de stress.

5. Er zijn veel oplossingen mogelijk. Ik heb al vele kilometers afgewandeld in mantelpakje en sneakers om dan snel hakken aan te schieten vlak voor ik de aula binnenstap alsof ik uit een doosje kom (hoop ik). Soms moet je echter én een laptop én bagage én flipchart meezeulen. En dan wil ik niet binnenkomen als een kleine lastezel. Gelukkig komt dit maar zelden voor.

Als ik dus geconfronteerd wordt met meer dan 3 nee’s, herbekijk ik even mijn traject. Als er niet aan te ontkomen valt, ga ik dan op zoek naar een carpooler.

Dit gebeurde het voorbije jaar drie keer en telkens vond ik een carpooler. Je ziet, het vraagt wat denkwerk maar je krijgt er zoveel voor terug. Zelf de wagen nemen, was nog niet nodig. Nochtans reis ik voor mijn werk continu het land af. En soms ook de omliggende landen.

Mijn droom is dat mensen allemaal even deze lijst bekijken. Eerlijk zijn met zichzelf. En gewoon bij een volgende verplaatsing even zien of ze vijf ja’s hebben. En indien zo, het eens proberen.

Ik weet het, er zijn veel jobs waar dit gewoon niet kan. Als je op vier verschillende plaatsen moet zijn. Als je koffer vol zit met demo materiaal…

Maar mocht iedereen het al eens bekijken en eerlijk zijn wanneer het eigenlijk wél kan…

Het zou al veel files wegnemen, denk ik.

Vijf tips voor uitstapjes met kinderen

Onze kinderen groeien op in de veilige omgeving van een kleine provinciestad, onder de kerktoren, waar er geen zichtbare armoede is en waar de klasfoto’s nog door iets te veel blonde krullenbollen bevolkt worden.

Zelf vind ik het echter belangrijk, hoe dankbaar ik ook ben voor deze mooie omgeving, dat kinderen leren dat dit niet alleen de afspiegeling van de wereld is. Dat er daarnaast ook een meer multiculturele wereld bestaat. Dat er grotere steden bestaan, die prachtig kunnen zijn maar ook enige gevaarlijke toets bevatten. Dat armoede ook tot de wereld behoort en dat de kinderen dankbaar mogen zijn voor het feit dat ze dagelijks lekker eten krijgen en een warm bed hebben.

Daarom neem ik ze per vakantie éénmaal mee naar een grotere stad. Antwerpen, Gent, Brussel, Leuven, Namen, … Steden die behapbaar zijn met kinderen, die iets te bieden hebben en die hen leren zich in verschillende omstandigheden te bewegen.

Ik heb geen mirakelrecept voor hoe die dag zonder kleerscheuren door te brengen. ’s Avonds ben ik altijd moe maar best wel tevreden over die pittige dag. Andere mama’s vragen me soms hoe ik dat doe, zo alleen met hen de hort op.

Moeilijk is het nochtans niet. Ik heb hieronder vijf tips voor wie dit ook eens wil proberen.

  • Durf met het openbaar vervoer te gaan. Geen verkeersstress in de wagen, geen parkingzoektochten, … Kinderen reizen gratis en ze genieten van je onverdeelde aandacht.
  • Leg die smartphone weg. Klinkt simpel maar zo dankbaar. Zelfs niet om foto’s te maken van je kleine telgen. Geef hen jouw aandacht en dan zullen ze niet hengelen om je aandacht. Ze zullen dan ook begrijpen daardoor dat er momenten zijn dat je hen aandacht kan geven en andere momenten, zoals in het huishouden, dat je dat niet kan.
  • Zoek musea op die hen boeien en combineer dit met een stadswandeling. Je zal zien dat kinderen echt wel openstaan voor musea. Trek hen mee in je verhaal. Tips zijn: Natuurhistorisch museum, Huis van Alijn, Designmuseum, Autoworld, Planetarium, Atomium, …
  • Neem proviand mee. Koekjes en water om de dag door te komen. Mijn ervaring is dat “hangry” (angry/hungry, got it?) echt wel op het lijf geschreven kan zijn van mijn kleuters. Zo krijg ik ze heel de dag welgezind mee met mij.
  • Toch een dood momentje? Enkele autootjes of kleurpotloden en een nieuw kleurboekje doden het stille moment terwijl je wacht op de beloofde spaghetti of frietjes. Het koopjeshoekje in de Hema is ideaal.

 

Morgen een pedagogische studiedag dus ik heb het RedStarLine museum op het programma gezet. Wat zijn jullie plannen voor een volgende uitstap?

Veel uitstapgenot gewenst!